|
Oog- & Gelaatsbescherming |
|
TOTALCARE Brandbeveiliging |


|
In talloze arbeidsomstandigheden lopen de ogen gevaar. Vaak worden onverantwoorde risico’s genomen door oogbescherming niet te gebruiken waar dat wel nodig is. Veel gehoorde beweegredenen zijn onder andere: “Mijn veiligheidsbril past niet goed”; “Hij doet pijn aan mijn oren”; “Ik krijg er zo’n zere neus van”. Wij hebben daarom uitsluitend oog– en gelaatsbescherming in het assortiment, die voldoet aan de hoogste eisen van draagcomfort. De beste bescherming is namelijk de bescherming die daadwerkelijk wordt gedragen. De oogbescherming is bedoeld om zowel het zicht op de arbeidsplaats ongehinderd te behouden als de ogen te beschermen tegen aantasting door mechanische en fysieke bedreigingen. De oog– en gelaatsbescherming is als volgt gerangschikt:
Veiligheidsbrillen: Onder een veiligheidsbril wordt verstaan een montuur of frame waarin, al dan niet verwisselbaar, een centrale ruit of twee glazen of lenzen zijn aangebracht. Veiligheidsbrillen moeten voldoen aan de EN166. |
|
Bescherm– en overzetbrillen: Een overzetbril bestaat uit een frame, dat rond de oogkassen en op het gezicht aansluit en is voorzien van twee glazen of een centrale ruit. Beschermbrillen worden ingezet bij licht werkzaamheden of als bezoekersbril. Beide brillen voldoen aan de EN 166.
Ruimzichtbrillen: Een ruimzichtbril bestaat uit een kunststof zichtvenster, dat is gevat in een op het gezicht aansluitend montuur dat beide ogen geheel omsluit en meestal is voorzien van een elastische band en voldoet aan de EN166.
Gelaatsschermen: Een gelaatsscherm is een combinatie dat gedragen kan worden aan een hoofdband of in combinatie met een veiligheidshelm.
Lashelmen en lasschilden: Lashelmen en lasschilden zijn in het algemeen verkrijgbaar in twee materialen: vulkaanfiber en kunststof. Beide kwaliteiten voldoen aan de EN175.
Wetgeving en Richtlijnen: De toepassing van oog– en gelaatsbescherming dient te worden bepaald aan de hand van de risico-inventarisatie en evaluatie.
Normen: Onderstaande normen zijn van toepassing op oog– en gelaatsbescherming:
- NeN-EN 166 Oogbescherming; eisen - NeN-EN 175 Oogbescherming; middelen voor oog– en gelaatsbescherming tijdens lassen en aanverwante processen.
Keuze en toepassingsgebieden: Om het toepassingsgebied en de prestatie aan te geven zoals vereist in de NeN-EN 166 is elke oog– en gelaatsbeschermer gemerkt volgens de tabel. |
|
|
Glassoort |
|||||||
|
Toepassing |
T
Thermisch Gehard glas |
C 39
C 39 Kunststof |
CR 39 kv
C 39 Kuststof krasvast |
P.C.
Pol-carbonaat Kunststof |
U.V. / I.R.
U.V. / I.R. filterend materiaal |
|||
|
|
|
|
|
|
T |
P.C. |
||
|
|
|
|
|
|
Kleur |
Kleur |
||
|
|
|
|
|
|
DIN2 |
DIN4 |
DIN3 |
DIN5 |
|
Draaien/ frezen / boren |
+++ |
++ |
+++ |
++ |
- |
- |
- |
- |
|
Fijn mechanisatie |
+++ |
++ |
+++ |
++ |
- |
- |
- |
- |
|
Slijpen |
+ |
++ |
+++ |
+++ |
- |
- |
- |
- |
|
Puntlassen / lashelpers* |
- |
- |
- |
- |
+++ |
++ |
+++ |
+ |
|
Autogeen snijden en branden |
- |
- |
- |
- |
+ |
+++ |
+++ |
++ |
|
Licht autogeen / metaalgieten / smelten* |
- |
- |
- |
- |
+ |
++ |
+ |
+++ |
|
Petrochemische industrie |
+++ |
+++ |
++ |
++ |
- |
- |
- |
- |
|
Laboratorium |
+++ |
+++ |
++ |
++ |
- |
- |
- |
- |
|
Onderhoudswerk |
+++ |
+++ |
+++ |
+++ |
- |
- |
- |
- |
|
Technische scholen |
+++ |
+++ |
+++ |
+++ |
- |
- |
- |
- |
|
Bezoekersbril |
+++ |
+++ |
+++ |
+++ |
- |
- |
- |
- |
|
Argon elektrisch / Co2 / lassen |
NIET GESCHIKT |
|||||||
|
*: kleurkeuze is afhankelijk van de werksituatie
+++ = uitstekend geschikt ++ = zeer geschikt + = geschikt - = niet geschikt |
||||||||
|
Prestaties bij inslag |
Markering |
|
|
Verhoogde robuustheid (12m/s) |
S |
|
|
Inslag van lage sterkte (45m/s) |
F |
|
|
Inslag van middelmatige sterkte (120m/s) |
B |
|
|
Inslag van hoge sterkte (190m/s) |
A |
|
|
|
|
|
|
Optische kwaliteit |
|
|
|
Optische klasse 1 |
1 |
|
|
Optische klasse 2 |
2 |
|
|
Optische klasse 3 (niet geschikt voor langdurig gebruik) |
3 |
|
|
Bestand tegen beschadiging door kleine deeltjes (optionele eis) |
K |
|
|
Bestand tegen beslaan (optionele eis) |
N |
|
|
|
|
|
|
Toepassingsgebieden |
|
|
|
Druppels & vloeistofspatten |
3 |
|
|
Grove deeltjes |
4 |
|
|
Gas & kleine stofdeeltjes |
5 |
|
|
Elektrisch booglassen |
8 |
|
|
Gesmolten metaal & hete vaste deeltjes |
9 |
|
|
|
|
|
|
Benaming van de filters |
Markering |
|
|
|
Filter-identificatie |
Schaal |
|
Lasfilters |
- |
1,2 tot 16 |
|
Ultravioletfilters (kleurherkenning wordt mogelijkerwijs beďnvloed) |
2 |
1,2 tot 14 |
|
Ultravioletfilters (goede kleurherkenning) |
3 |
1,2 tot 5 |
|
Infraroodfilter |
4 |
1,2 tot 10 |
|
Zonschitteringsfilter (zonder infraroodspecificatie) |
5 |
1,1 tot 4,1 |
|
Zonschitteringsfilter (met infraroodspecificatie) |
6 |
1,1 tot 4,1 |
|
|
|
|
|
De markering op de lens bestaat uit de filter-identificatie, gevolgd door het bijbehorende schaalnummer. |
||
|
|
||
|
Wanneer de markering op de lens en het montuur niet identiek zijn met betrekking tot de prestaties bij inslag wordt de gehele oogbescherming geklasseerd als de laagste. |
||